De staande klok in de hal van het Winslow-landgoed luidde elk uur met een lage, bronzen klank die door de immense kamers galmde als een herinnering dat de tijd niet wachtte op verdriet. Het landhuis stond op een klif boven de kust van Maine, omgeven door hoge dennenbomen die fluisterden wanneer de Atlantische wind landinwaarts waaide. Voor de buitenwereld behoorde het huis toe aan een selfmade industriemagnaat wiens naam in financiële tijdschriften en televisie-interviews verscheen, een man die geprezen werd om zijn genialiteit en ambitie. Binnen in het landhuis leefde diezelfde man in een stilte die elke nacht op zijn borst drukte.
Zijn naam was Arthur Winslow, oprichter van een nationaal scheepvaartimperium, gerespecteerd strateeg en onwillige weduwnaar. Vijf jaar eerder was zijn vrouw overleden aan complicaties na de bevalling, waardoor hij achterbleef met een pasgeboren zoon, Adrian, en een verdriet dat zijn vermogen tot gevoel verlamde. Arthur stortte zich op zijn werk, ervan overtuigd dat rijkdom de enige persoon die hij nog had, zou beschermen. Tegen de tijd dat Adrian zes jaar oud was, vulden artsen en specialisten het landhuis met dossiers, onderzoeken en ernstige gezichtsuitdrukkingen.
Adrian sprak niet. Hij beantwoordde geen vragen. Urenlang zat hij te kijken hoe het zonlicht over de vloer gleed, patronen natekenend met zijn vingertoppen, losgekoppeld van de stemmen om hem heen. Diagnoses werden in zachte tonen, vol professionele zekerheid, meegedeeld. De jongen zou waarschijnlijk teruggetrokken blijven. Vooruitgang zou traag verlopen, als die al zou komen. Arthur betaalde elke rekening, ondertekende elk machtigingsformulier en luisterde zonder tegenspraak, maar vanbinnen voelde hij zich machteloos.
Het landhuis veranderde langzaam in een privékliniek. Therapeuten arriveerden met kleurrijke instrumenten en gestructureerde behandelplannen. Bijlesgevers probeerden spelletjes en beloningen uit. Verpleegkundigen hielden dagelijkse rapporten bij. Een voor een namen ze ontslag toen Adrian bleef zwijgen. Arthur stuurde ze beleefd, maar kil weg, en elk vertrek versterkte zijn overtuiging dat niemand zijn zoon echt begreep.